SeriousDogs
Raspassie
“Raspassie. Vrij vertaald betekent passie hartstocht. Je moet je dan eerst afvragen of je wel hartstocht voor het ras van onze keuze heb. Omdat ik nogal nuchter ben, dacht ik dat het met mijn passie nogal meeviel. Natuurlijk loop ik weg met Drentsche Patrijshonden, letterlijk en figuurlijk. Maar is dat nou als passie te omschrijven? Volgens mijn vrouw wel. Want ik ben altijd met onze hond bezig en ben eigenlijk ook gek van dat ras. Gaat 'gek zijn van-" nu verder dan hartstocht of passie? Ik weet het niet. Maar oordeelt u zelf.“
Drentsche Patrijs
Deze maand verteld Aad van 't Hof over zijn passie voor de
Onze Drentsche Patrijshond Fleurtje was echt onze passie geworden!
Natuurlijk waren mijn vrouw en ik lid van de Drentsche Patrijshondenvereniging en al snel werd mijn passie voor het ras gebruikt. Ik raakte betrokken bij de totstandkoming van “Onze Drent”, het clubblad van de vereniging.
De Drent is niet meer uit ons leven weg te denken. Overal waar we zijn, kijken we naar Drenten uit. Als je goed kijkt, kom je Drenten op de gekste plaatsen tegen en loop je overal Drentenfans tegen het lijf.
Hoe gaat deze passie verder? Nou, dat is voor een deel al bekend. Onze Fleurtje is mooi, dat is vastgesteld, ze heeft een prima karakter en verkeert in een puike gezondheid. Volgens de echte kenners van het ras, zouden pups van Fleurtje een goede bijdrage leveren aan de instandhouding van het ras. Zeker als voor een combinatie met een laag inteeltcoëfficient wordt gekozen. Zomaar een nestje fokken is er natuurlijk niet bij. Daar moet je verstand van- en ervaring mee hebben. Hoewel we ons goed in het hondenwereldje thuis voelen, durven we niet te zeggen dat we kennis hebben van fokken. Omdat we de volle medewerking en ondersteuning van een ervaren fokker krijgen, zijn de eerste stappen voor een nestje van Fleur gezet. De Raad van Beheer heeft de kennelnaam Van ’t Kralingse Veld goedgekeurd, want wat is nou een mooie, gezonde Drent, zonder achternaam?
Dat we gepassioneerde Drentenliefhebbers zijn, zal inmiddels wel duidelijk zijn!
< Ga terug
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Fleurtje groeide voorspoedig op, volgde de KNJV-puppycursus, deed mee aan een door de fokker opgezette apporteertraining en in 2009 verscheen ze in Barneveld op de clubmatch. Daar vond de keurmeester dat ze “veelbelovend” was. Van alle kanten werden we aangemoedigd om haar voor een show in te schrijven. We stonden niet echt te trappelen, maar toen ze op twee shows de beoordeling “uitmuntend” kreeg, was wat ons betreft het hek van de dam.
Ik zal u de waslijst aan titels, behaald op shows in binnen- en buitenland besparen, op één na: in augustus 2011 had Fleurtje zoveel nationale- en internationale punten behaald, dat ze de titel Champion International d Exterieur van de F.C.I. (internationaal schoonheidskampioen) mocht voeren. Toch een leuk resultaat voor een hondje van nog geen drie jaar.
Enkele weken later haalden we haar op. Toen ze haar eerste stappen in ons huis deed, liep ze linea recta naar de waterbak. Het was nét of ze wist dat die daar stond, of ze eerder een kijkje in ons huis had genomen.
Medio oktober 2009 was het zover. Gina zette tien pups op de wereld en enkele dagen daarna mochten we een blik in de werpkist werpen. Tien wurmpjes krioelden door elkaar. Geweldig. Met moeite namen we afscheid van dit jonge leven, maar we mochten elke week even komen kijken.
Toen de pups zo’n week of vijf oud waren moesten alle pupkopers volgens een vast schema komen opdraven. Het was de dag waarop keuzes moesten worden gemaakt. Een eigenwijze pup, die ons helemaal voorbij liep en ons letterlijk en figuurlijk niet zag zitten, werd de onze. Zij werd ook van harte aanbevolen door de fokker. Het was er een met een geheel eigen karakter, maar het was niet onze eerste hond en wat honden betreft had ik wel voor hetere vuren gestaan. De ervaring met andere jachthonden en surveillancehonden werd meegewogen en zo werd Emma Gina van de Haeckpolder, Fleurtje dus, uiteindelijk onze Drent.
"Fleurtje was echt onze passie geworden!"
< Ga terug
Lees verder >
van dat landgoed jaagden -met Drenten- en al snel was ik het manusje-van-alles in dat jachtveld. Ik voerde als dat zo uitkwam het wild, ging mee als drijver en was altijd op dat landgoed en in de duinen te vinden.
Nu maak ik een grote sprong in de tijd. Toen we ons boerenfikkie in 2004 op zestien jarige leeftijd moesten laten inslapen, stond het voor mij vast. Dit was onze laatste hond, we zouden de handen vrij hebben, lekker gaan reizen en konden zo gaan en staan waar we wilden. Gelukkig dacht mijn vrouw er anders over, want in 2005 gingen we op zoek naar een opvolger, een nieuwe hond, een pup. De keuze van het ras had ik geheel aan mijn vrouw overgelaten en ze deed een verstandige keuze. Ze koos spontaan voor een Drentsche Patrijshond. En zo kwam Vamos in ons leven.
Na de dood van Vamos kwamen we gelukkig al snel in contact met twee fokkers van Drentsche Patrijshonden. Bij beide fokkers waren nestjes op komst. In principe waren alle pups al bezet, maar we moesten maar eens komen praten. Misschien was er een mouw aan te passen.
Zeer gemotiveerd arriveerden we bij de eerste fokker. Luid geblaf verwelkomden ons. Eindelijk liepen er weer Drenten om ons heen; een verademing, we voelden ons thuis. Uitgebreid werd naar onze motieven gevraagd. Waarom de keuze voor een Drent? Wil je er mee gaan jagen? Of showen? Ben je met honden bekend? Ken je het ras?
Op elke vraag hadden we een passend antwoord, want uiteindelijk kregen we de toezegging dat er aan ons gedacht zou worden. Dit werd later omgezet in een definitieve toezegging: één pup uit het nest van Gina werd toegezegd. Die zelfde avond mailde ik dit nieuws naar die andere fokker. Hij was blij voor ons en plaatste ons op zijn reserve-lijst.
We maakten kennis met moeder Gina en zagen hoe ze met haar dikke buik toch nog te water ging om een dummy te halen. Later werden we gebeld dat de echo had aangegeven dat Gina tenminste vijf pups droeg. Onze vreugde was misschien wel groter dan die van de fokker, want één van die pups zou voor ons zijn.
Ja, u leest het goed, onze tweede Drentsche Patrijshond. Onze eerste, Vamos van de Sebastiaanshoeve, kregen we in 2005. Helaas waren we naar een dikke drie jaar genoodzaakt hem in te laten slapen. Van een auto-immuunziekte kon hij het niet winnen.
Vrienden vroegen ons waarom we na alle getob met Vamos, toch weer voor een Drentsche Patrijshond hadden gekozen. Zo’n vraag is snel en gemakkelijk te beantwoorden: “eens een Drent, altijd een Drent”, maar dat is toch te kort door de bocht.
Ruim vóór dat we Vamos kregen, was ik al gek op Drenten. Zo’n kleine zestig jaar terug zag ik mijn eerste Drentsche Patrijshond. Op een foto. Een foto van jagers, ergens langs een dijk. Waarschijnlijk had de fotograaf hen tijdens de lunch gestoord. Een grote Drent had een dikke korst brood in de bek. Rondom lagen hazen en een enkele fazant. Op zich een rustiek tafereeltje, behalve voor die hazen en fazanten natuurlijk. Die hond hoorde daar wel degelijk. In het jachtveld, daar waar het ras gegroeid is, waar hij thuis hoort en zijn talenten kan ontplooien.
Zo’n tien jaar later kwam ik de eerste Drent in levende lijve tegen. Dat gebeurde op een landgoed in de buurt waar ik toen woonde. De eigenaren
In december 2008 konden we onze tweede Drentsche Patrijshond, Emma Gina van de Haeckpolder, bij de fokker in Woerdense Verlaat ophalen. Nu is Emma Gina zeker een mooie naam, maar wij kozen voor Fleurtje.
“Schrijf eens een stukje voor dat nieuwe hondenblad”, vroeg een mederedacteur. Ja, waar moet dat dan over gaan, was mijn wedervraag. “Nou, over de Drentsche Patrijshond, natuurlijk”, was het antwoord dat ik al verwachtte. Het stukje zou, als ik het mailtje goed gelezen had, in de rubriek “Raspassie” geplaatst worden...
"Eens een Drent, altijd een Drent"
Een Drent in je leven, dat is pas een passie!